INTERVIEW DGBC: “DGB-benchmark meet dieper dan andere benchmarks”

De Dutch Green Building Council (DGBC) heeft onlangs de DGB-Benchmark gelanceerd. De benchmark geeft eigenaren en gebruikers sneller inzicht in de daadwerkelijke energieprestatie van een pand in vergelijking met vergelijkbare gebouwen. Een van de voordelen is dat eigenaren daarmee gefundeerder een investeringsbeslissing kunnen maken, legt projectmanager Dong Cao van de DGBC uit.

Gat in de markt

dongcaoDe stichting DGBC is gestart met de benchmark omdat er geen onafhankelijke partij was die de energieprestaties van utiliteitsgebouwen verzamelde en analyseerde. In 2008 is AgentschapNL hiermee gestopt. Cao: “We merkten dat de markt daar behoefte aan heeft. Zodra eigenaren weten welk gebouw de meeste verdienpotentie heeft, is een investeringsbeslissing sneller en gefundeerder gemaakt. Een toekomstig doel van DGBC zelf is: aantonen dat je met een BREEAM-NL certificering daadwerkelijk minder energie verbruikt”.

Gegevensverzameling

DGBC heeft voor het verzamelen van alle gegevens samengewerkt met bbn adviseurs, CFP, Cofely Energy Solutions, INNAX, Fortrus en NSI. Cao: “Het is verschrikkelijk veel werk om alle data op een juiste manier op te vragen en te verzamelen. In totaal hebben we van 600 gebouwen verzameld, maar we hebben streng geselecteerd Zo is de data met andere bronnen geverifieerd en zijn uitschieters er uit gefilterd. De eerste resultaten zijn gebaseerd op ongeveer 300 gebouwen”.

Energielabel indicator energieverbruik

Een van de voornaamste uitkomsten uit de benchmark is dat het energielabel een goede indicator blijkt. Cao: “Er is veel kritiek op het functioneren op het energielabel, maar uit onze gegevens blijkt dat het een goede indicator is voor het te verwachten energiegebruik van een gebouw. Een A-label pand is wel degelijk energiezuiniger dan een F – en G-label”.

Vergrote afbeelding plot 2 - PNG

Dieper meetniveau

Volgens Cao is voor deze benchmark een dieper meetniveau gebruikt dan tot nu toe gebruikelijk is in de vastgoedmarkt. Cao: “Voordeel is dat we ook de gegevens hebben verkregen van de gebruikers zelf. Zo hadden we zeer exacte cijfers over bezettingsgraad en openingstijden. Dat maakt een verschil. Een gebouw met energielabel F kan voor driekwart leegstaan, waardoor weinig energie gebruikt wordt. Een label A-gebouw dat compleet verhuurd, verbruikt natuurlijk veel meer energie. Ook de gebruiksuren hebben behoorlijke invloed op je gebruik. Je moet meten op bezettingsgraad om ruis te voorkomen in je resultaten”.

Uitrol benchmark

DGBC zal de benchmark gaan beheren. Eind 2013 volgt een online ontsluiting van de benchmark. Toegang tot de benchmark data zal verlopen via licentienemers van de DGB-Benchmark. Zij kunnen met eigen softwarepakketten specifieke analyses maken voor een portfolio of een enkel gebouw. Deelnemers moeten zelf ook actief data bijdragen aan de benchmark. In 2014 worden licenties breder beschikbaar en kunnen ook andere softwarepakketten gekoppeld worden aan de DGB-Benchmark.