HEVO: “Publieke sector kan miljoenen besparen op energierekening”

De publieke sector geeft onbewust per jaar miljoenen euro’s teveel uit aan energie. Facilitair managers van o.a. scholen en zorginstellingen laten een fors energiebesparingspotentieel liggen. Als eigenaren zijn zij zich niet bewust hoeveel ze kunnen besparen op hun energierekening. En dit terwijl met simpele maatregelen tot 20 procent reductie mogelijk is, zegt Erwin Kamminga, senior adviseur bij adviesbureau HEVO. Kamminga was voorheen onder meer vastgoedmanager bij Delta Psychiatrisch Centrum en projectmanager bij installateur HVL. HEVO adviseert op het gebied van integrale huisvestingsvraagstukken waarvan  energiemanagement er één van is.

1. Kun je een voorbeeld geven van deze energieverspilling?
ErK01Kamminga: “Een zorginstelling geeft per jaar ca. 1 miljoen euro uit aan energiekosten. Bij veel van deze zorginstellingen kan het energieverbruik structureel aangepast worden met als resultaat een lagere energierekening. Hetzelfde geldt voor scholen. Een veel voorkomend probleem is dat installaties in het weekend, als de school dicht is, nog op volle toeren draaien. Een school ‘in rust’ kan hierdoor nog steeds veel energie verbruiken Bij zorginstellingen zie je dat er veel energie verbruikt wordt met verlichting, verwarming en de centrale warmwatervoorziening”.

2. Hoe komt het dat er zoveel verspild wordt?
Kamminga: “Facilitair managers hebben bij de oplevering van een gebouw aandacht voor de exploitatiekosten. Daarna neemt de aandacht door de dagelijkse werkzaamheden snel af. Gedurende het gebruik van een gebouw verandert echter het profiel van de gebruikers. Mensen werken vaker thuis of beginnen eerder met werken, maar de installaties zoals verlichting, elektrische boilers, koelinstallaties en centrale warmwatervoorzieningen worden hier niet op afgestemd. Lichten, ventilatie en printers staan aan, terwijl het gebouw nagenoeg leeg is”.

3. Wat zijn de redenen hiervoor?
Kamminga: “Een belangrijke reden is dat grootverbruikers van energie nu nog weinig voor energie hoeven te betalen. Een huishouden betaalt gemiddeld 24 cent per kilowattuur, een grootverbruiker betaalt gemiddeld negen cent per kilowattuur. Een andere reden: mensen zijn hierin volgend en denken dat het goed geregeld is omdat ze een maandelijks voorschot betalen, de eindafrekening komt altijd achteraf. Er is intrinsiek geen financiële prikkel om te veranderen. Verder zijn gebruikers zich helaas niet altijd bewust van hun energieconsumptie en ligt de focus – begrijpelijkerwijs – bij zorg of onderwijs. Maar er wordt daardoor wel elk jaar geld verloren. Scholen hebben vanuit de (lage) VELO vergoedingen in de meeste gevallen een tekort op de energiekosten waardoor minder geld beschikbaar is voor het daadwerkelijke onderwijs. We komen scholen tegen die  elk jaar een tekort hebben van 100.000 tot 150.000 euro op  hun exploitatie door de hoge energielasten. Dat zijn omgerekend 2 á 3 fte aan leraren of in het geval van de zorg minder handen aan het bed met als mogelijk resultaat langere wachtlijsten.”.

4. Hoe kan dit opgelost worden?
Kamminga: “Facilitair managers moeten ervan bewust worden dat de energierekening met relatief weinig middelen structureel verlaagd kan worden. Door de lage energieprijzen leeft onder managers vaak de gedachte dat het niet rendabel is om de energierekening onder de loep te nemen. Elke gebruiker kan tot 20 procent op energie besparen als elk jaar het gebruikersprofiel van een gebouw vastgesteld wordt en de installaties en apparatuur hierop afgestemd worden”.

5. Aan wat voor maatregelen moet gedacht worden?
Kamminga: “Door simpele ingrepen zoals het aanpassen van de verlichting van de lift, een tijdklok en het op een hogere temperatuur zetten van de koelkasten kan per jaar 20.000 kWh tot 25.000 kWh worden bespaard. Ook moet het personeel bewuster worden van energie. Aanvullend kun je denken aan energiemonotoring en duurzame energie zoals zonnepanelen. Het geplande budget uit de meerjarenonderhoudsplanning (MOP) kan worden aangewend om een project financieel te dekken”. Wij zeggen dan ook gebruik je MOP om energiebesparende maatregelen te realiseren. We spreken dan ook van een duurzaam meerjarenonderhoudsplanning (DMOP).

6. Hoe onderscheiden jullie je in de advieswereld?
Kamminga: “Ons motto is: ‘no cure, no pay, no risk’. We gaan als adviseur daadwerkelijk een stap verder door het aangaan van resultaatverplichtingen op onze adviezen. In onze contracten staat dat we een bepaalde energiebesparing realiseren en garanderen. De advieskosten zijn met enkele simpele maatregelen terugverdiend. Met een energierekening 400.000 euro op jaarbasis en een besparing van slechts 5 procent, bespaar je al 20.000 euro per jaar. En hoe meer je bespaart, hoe hoger de opbrengsten”. En het mooie is deze besparingen tellen uiteraard de volgende jaren gewoon mee!

Voorbeeldproject
Bekijk hier een voorbeeldproject van Hevo die Kamminga begeleid heeft.

Bron: Energievastgoed.nl


Een antwoord op “HEVO: “Publieke sector kan miljoenen besparen op energierekening””